Meditatie. Veranderen, een wezenlijk menselijk gebeuren, dynamische identiteit.

Meditatie
Veranderen, een wezenlijk menselijk gebeuren, dynamische identiteit. (Jesaja 43, 1-5)

John Schreurs, zaterdag 25 augustus 2018

Nadenkend over wie je bent en wat je bestaan betekent kom je tot de overtuiging dat Zijn en bestaan er zijn om voor een ander iets te betekenen. In en door jezelf ben je niets. Voor je zelf zijn betekent, dat je er bent voor de ander. Je bent een volwaardig mens, als je erkent wordt door de ander, serieus genomen wordt, gewild. Wanneer de ander God genoemd wordt, dan spreek je van een religieus geloof.

De gelovende mens ontvangt zijn identiteit van God. “Jahweh, die U geschapen heeft zegt wees niet bang, want ik heb U vrijgekocht. Ik heb U geroepen bij uw naam, U bent van mij. (Jesaja 43, 1 ).

Toebehoren aan een naam geeft de identiteit ; toebehoren aan de naam God, Eeuwige,,,,,

Ik wil mijzelf op een wijze ontmoeten waarop hij gelooft wat God met hem doet. Voor God ben ik de drager van deze naam. Mijn naam blijft voor altijd opgeschreven in zijn Hand.

De christen gelovige identificeert zich met Jezus van Nazareth; dit leidt niet tot zelfvervreemding, een creatieve vorm van instemming, een levensbeginsel; de gelovige doet nieuwe ervaringen op en wordt op deze wijze zichzelf.

Van cruciaal belang: een concreet beeld van de mens Jezus is de spiegel voor de gelovige, geen abstracte beschrijving of beredenering van de Godmens Jezus Christus.

Concreet voor onze groep ouderen op zoek naar de ander, die met mij meegaat en in mijn levensproces een rol speelt. We weten door ervaring en samen komen, dat de anderen de spiegel zijn voor onze ontwikkeling, nog steeds en steeds belangrijker met elkaar.

We gaan weer een nieuw jaar in met activiteiten, bezinning en vieringen. We zijn hier allen in gelijke mate voor verantwoordelijk. De voortrekkers in de stuurgroep roepen op en geven richting om zinvolle bijeenkomsten te houden. De inhoud zal vrucht moeten zijn van wat ons nu bezig houdt ook al wil ons lichaam er niet altijd aan meewerken. Mentaal kunnen we nog steeds groeien en elkaar boeien; zo werkt de Geest is de oer christelijke overtuiging. We kunnen elkaar vertellen, dat we nog steeds op zoek zijn, veranderingen ondergaan die ons goed doen. Als er een zaak duidelijk is op zoek naar onze identiteit, dan is het de overtuiging of het geloof, dat wat wij doen in Gods hand ligt, omdat we van Hem onze eigenheid en identiteit hebben ontvangen. Tenminste als je deze keuze hebt gemaakt. In de ogen van de ander lees ik wat de zin is van samen doen en handelen; in het hart van de ander klopt mijn hart, in het houden van de ander laat God ( of hoe we hem noemen) zich gelden.

Op basis van deze houding kunnen we elkaar niet meer los laten; mogen we een risico nemen bij alles wat we samen ondernemen; mogen we blij zijn te zijn zoals we zijn met al onze mogelijkheden en gaven, met onze teleurstellingen en angsten.

Ik denk hierbij aan Jezus reactie op de vraag van de dorpelingen van Betsaida een blinde te genezen.

Er staat geschreven:

\in die tijd kwamen Jezus en zijn leerlingen in Betsaida. Daar bracht men een blinde bij hem en smeekte hem die te willen aanraken. Jezus nam de blinde bij de hand en bracht hem buiten het dorp. Daar deed Hioj speeksel op zijn ogen, legde hem de handen op en vroeg hem: kunt ge al iets zien? Hij keek en antwoordde: ik zie mensen, want ik zie ze lopen, maar ze lijken nog op bomen. Daarna legde Jezus nog eens de handen op zijn ogen. Nu zag hij scherp en was volkomen genezen, hij zag alles duidelijk. Jezus stuurde hem naar huis met de waarschuwing; ga zelfs het dorp niet in.

In 2 fasen gaat Jezus lijfelijk met de blinde om; eerst speeksel op de ogen en handoplegging

Met de vraag zie je al iets? En vervolgens opnieuw de handoplegging en hij kan weer zien.

Met de opmerking ga direct naar huis en niet naar het dorp en mijdt dus de show en nieuwsgierigheid, die dan zullen volgen.

Dit gebeuren is een metafoor voor alles wat wij met elkaar ondernemen. We zien elkaar, raken elkaar in woorden, zien elkaar in de ogen en stellen de vraag wat zien we. Door te zeggen, dat Jezus handoplegging ons heeft geraakt en aangespoord naar elkaar te kijken en te zien en te voelen wat voor ons van belang is, zien we scherper; zien we nieuwe mogelijkheden. Ons leven komt dan een onafgebroken dynamiek van zoeken en vinden. van praten en handelen, van aandacht en zorg, van stilte en beweging.

Zie de ander staan, lopen en praten; hoor wat hij over jou zegt; neem dit mee en zie opnieuw in jezelf wat je voor die ander betekent.

Dus, kijk naar elkaar en spring vandaag met open mind in het aanbod na te denken en concrete plannen aan te reiken voor de invulling van de 2e zondagen in onze kapel. Hoe we het organiseren laten we over aan de coördinator van de zondagen. Op welke wijze we meewerken en verantwoordelijkheid willen dragen beslissen we zelf; maar we kunnen niet zonder de stem van de ander, van elkaar. Weet, wij zijn in Elkaars en Gods Hand.

een open gemeenschap van mensen, die de wereld kritisch wil benaderen vanuit de traditie van het christendom en die zorg wil hebben voor elkaar en voor anderen